Over Johan de Witt (1625-1672)

Johan de Witt was afkomstig uit een Dordtse familie van regenten en vanaf 1653 raadspensionaris van de Staten van Holland. Hiermee was hij in de 17de-eeuwse Nederlandse politiek een zeer machtig man. Bekend is de uitdrukking ‘een jongen van Jan de Witt’, waarmee het soort jongen wordt bedoeld waarop De Witt een beroep kon doen als er oorlog gevoerd moest worden.

 

Waardije van Lyf-renten naer Proportie van Los-renten

De Witt was ook een briljant wiskundige. In 1659 schreef hij "Elementa Curvarum Linearum",’Grondbeginselen van de Kromme Lijnen' (elipsen, parabolen en hyperbolen) als bijlage bij een vertaling van René Descartes' "La Géométrie”. In 1671 verscheen zijn "Waardije van Lyf-renten naer Proportie van Los-renten". Dit laatste werk is één van de eerste boeken waarin statistiek en kansrekening worden toegepast. De Witt rekende met leeftijdsafhankelijke levensverwachtingen, afgeleid uit de sterftegegevens van de registers van lijfrenteniers van de Staten, in combinatie met intrest. Daarmee bereikte hij zijn doel: de bepaling van de waarde van een lijfrente op een menselijk leven.

 

Grondlegger van verzekeringswiskunde

In zijn boek vergeleek de Witt lijfrenten met ‘losrenten’. Bij een losrente leende de overheid een bedrag van een individu en betaalde vervolgens jaarlijks een rentepercentage plus een deel van de hoofdsom als aflossing, totdat het gehele bedrag was afgelost. De systematiek van De Witt was het begin van de nieuwe wetenschap der levensverzekering. Zijn werk over lijfrenten rekent men tegenwoordig tot de verzekeringswiskunde, een bloeiend specialisme.