Standaardiseer met mate – door drs. Wichert Hoekert AAG

 

In het meinummer van ESB is een artikel opgenomen over DNB-onderzoek naar de invloed van netwerken op de besluitvoering van pensioenfondsen (Broeders, Bruinshoofd en Kilinc, ESB mei 2018). Pensioenfondsen in reservetekort kregen bij de aanpassing van het financieel toetsingskader (FTK) in 2015 eenmalig de mogelijkheid het risicoprofiel te vergroten. Het onderzoek wijst uit dat de adviserend actuaris, of althans het kantoor van de adviserend actuaris, de beste voorspeller is van de keuze voor gebruik van die eenmalige mogelijkheid. Beter nog, bijvoorbeeld, dan fondskenmerken als de financiële positie of risicoprofiel.

 

Dat lijkt me een schromelijke overschatting van de invloed van de adviserend actuaris. In het geval van vergroting risicoprofiel spelen – buiten de preferenties van het bestuur – andere instanties ook een rol, waaronder met name de ALM-adviseur. Daarnaast zijn andere kenmerken dan alleen de onderzochte relevant, zoals de mate van afdekking van het renterisico en de gemiddelde omvang van de pensioenen. Desalniettemin roepen de uitkomsten belangrijke vragen op.

 

Dat het netwerk van de adviserend actuaris, dat wil zeggen de andere fondsen die door hetzelfde bureau worden geadviseerd, van belang is in de meningsvorming van een fonds lijkt onmiskenbaar. Daar zijn ook erg goede redenen voor, die DNB overigens onderkent. In de praktijk hechten fondsen er vaak veel waarde aan om (bijvoorbeeld via hun adviseur) te vernemen hoe andere fondsen handelen, en in het bijzonder andere fondsen die zich in vergelijkbare omstandigheden bevinden.  

 

Het artikel suggereert behalve de werking van het netwerk daarnaast, als ik het ten behoeve van deze blog wat scherper formuleer dan de gepresenteerde uitkomsten rechtvaardigen, dat adviseurs gestandaardiseerde adviezen (en dus met onvoldoende oog voor specifieke omstandigheden) aan fondsen presenteren. Voor zover dat waar is, is dat zorgelijk. Niet eens zozeer vanwege de systematische risico’s waar DNB van rept (zoals ook het FD stelt zou het FTK zelf bijvoorbeeld een belangrijkere bron van systematische risico’s kunnen zijn), maar vooral omdat de kans dan groot is dat dat gestandaardiseerde advies in een deel van de gevallen suboptimaal is.

 

Standaardisering heeft evidente waarde, bijvoorbeeld als het gaat om de gebruikte middelen en hergebruik van kennis. Maar de impliciete boodschap van het artikel, waar best het een en ander op af te dingen is, is wat mij betreft dat adviseurs in al hun adviezen een balans moeten vinden tussen efficiënte standaardisering en fondsspecifiek maatwerk.

 

Deze blog is op persoonlijke titel geschreven.